Geen gaatjes
Met de pop stevig onder haar arm komt Iepie binnen en ze gaat meteen met het speelgoed spelen. Haar moeder gaat zitten: ‘Zo, daar zijn we weer.’ Iepie komt elk jaar voor controle. Een paar dagen na haar geboorte, dat was zeven jaar geleden, hoorde ik een geruis bij het hart. Het geruis klonk ruw en hard. Daarom was ik er vrij zeker van dat het om een gaatje tussen de beide hartkamers ging. Een echografie van het hart bevestigde mijn vermoeden. De ouders van Iepie schrokken natuurlijk erg toen ik het vertelde. Iets met het hart is altijd eng.
Een gaatje tussen de beide hartkamers is de meest voorkomende aangeboren hartafwijking. Het geeft alleen problemen als het gat groot is. Dat belemmert goed drinken en groeien, vooral in de eerste maanden. Als dat gebeurt, is soms een operatie nodig. Gelukkig groeit bij de meeste kinderen het gaatje in de eerste levensjaren dicht. Het geruis verdwijnt dan. Daarom luisteren we daar regelmatig naar.
Iepie had nooit problemen, ze dronk en groeide prima. Vandaag ga ik weer luisteren. Als ik haar vraag hoe het gaat, roept ze hard: ‘Goehoed.’ Moeder is ook tevreden. Iepie kan prima meekomen op school. Ze rent net zo hard als haar vriendinnen. Dan wil ik naar het hart luisteren en vraag: ‘Waar wil je zitten: bij mama op schoot, op de onderzoekbank of op de tafel?’ Om dat laatste moet ze lachen, dat kan toch niet? Ze klimt op de onderzoekbank. Eerst beluister ik de pop. Die werkt goed mee en ik hoor geen gekke dingen. Iepie trekt haar shirt omhoog en ik leg de warm aanvoelende kop van de kinderstethoscoop op haar borstkas. Ik luister aandachtig en hoor de harttonen helder en duidelijk. Het geruis hoor ik niet. Ik leg de stethoscoop op verschillende plekken van de borstkas en hoe goed ik ook luister: geen geruis.
‘Het gaatje is dichtgegroeid,’ zeg ik, ‘ik hoor geen geruis meer.’ ‘Ooh wat fijn’, zegt moeder en ze knuffelt Iepie. Het hart van Iepie is gezond. Ik hoef het niet meer te controleren. We nemen afscheid. Als ze weglopen, hoor ik Iepie tegen moeder zeggen: ‘Net als bij de tandarts, hè mam, pop en ik hebben geen gaatjes.’

Tjalling de Vries (algemeen kinderarts in het MCL)
Hup, nei bûten!
Der wurdt tsjintwurdich lang safolle net mear bûten boarte as eartiids. It sosjale libben fan bern (mar miskien ek wol dat fan de heiten en memmen?) hat him ferpleatst nei binnen. Skermen lizze kontinu foar it gripen. Tiid om dêr feroaring yn te bringen, fynt Reina Reekers-de Boer fan Groeiromte yn Wâldsein.
Synestesy: Femke en Sinne sjogge alles yn kleuren
Tsien is giel, woansdei is bordeauxread en augustus is fletsgrien. Al salang’t Femke de Walle har heuge kin, hawwe sifers, dagen en moannen in kleur. Mar ek noaten, akkoarden, seizoenen, letters en sels wurden ferskine foar har yn útienrinnende tinten.
Van Bar tot Baarkruk
‘Van Bar- tot Baarkruk. De enige zwangerschapscursus zonder poespas. Nuchter, eerlijk, praktisch én met humor. Vanuit de kroeg in Wytgaard. Gewoon mannen onder elkaar.’ In swangerskipskursus spesjaal foar (oansteande) heiten. Nijsgjirrich!
“Papa, doet dialyse pijn?”
Het leven van Bastiaan (44) veranderde voorgoed toen bleek dat hij nierfalen had. Jaren later kwam er nóg een harde klap: zijn zoon Julian (13) blijkt dezelfde nierziekte te hebben. Hoe ga je als vader om met je eigen ziekte terwijl je tegelijkertijd weet dat je kind mogelijk hetzelfde pad moet bewandelen?